FACEnetwork: over corona en STEC

Er zijn een aantal FACEnetwork-vergaderingen geweest vanaf eind april 2020. Naast de algemene ledenvergadering waren de gevolgen van corona en STEC de hoofdthema’s.

Door: Ton Baars

Tijdens de internationale vergadering van FACEnetwork zijn de gevolgen van corona besproken voor de sector. Tussen de Europese landen zijn er verschillen, maar met name tussen bedrijven. Dikwijls beleven de boeren een opleving van de verkoop, maar moeten er andere kanalen worden aangeboord (internet). Soms komen bedrijven in de problemen, omdat hun afzet is weggevallen (afhankelijkheid van hotels en horeca). Er is een brandbrief opgesteld, die verstuurd zal worden naar de verantwoordelijken in de EU om op de positie en specifieke problemen van de kleinschalige kaasmakerijen te wijzen.

STEC

Een ander hoofdthema tijdens de vergadering was STEC/EHEC. Na een inventarisatie onder de Europese leden over hoe men omgaat met STEC (controle, handhaving, laboratoriumbepaling, leveringsverbod) blijkt dit in vele landen een toenemende zorg. Met name door de vraag hoe STEC bepaald wordt en hoe de overheids- en controle-instanties hierop reageren, is verontrustend. De definitie van STEC wordt niet eenvormig gehandhaafd. Er ontstaat veel druk op de rauwmelkse productie van verschillende kaassoorten. Dit ondanks dat er nauwelijks aanwijsbare uitbraken zijn geweest in de landen die in verband gebracht kunnen worden met de consumptie van rauwmelkse kaas.
Dierenarts en specialist voor rauwmelkse zoönoses Catharina Berge heeft een document opgesteld, waarin zij de STEC-problematiek samenvat. Berge doet de volgende aanbevelingen voor het FACEnetwork:

1. Zorg ervoor dat binnen het netwerk wetenschappelijke competentie is met betrekking tot de risico’s in verband met STEC bij de kaasproductie.
2. Evalueer en promoot praktijkinformatie van bestaande bedrijven die het vak van STEC beheersen, zowel bij rauwe melk als de rauwmelkse kaasproductie, teneinde zo het gevaar van potentieel gevaarlijke STEC’s te helpen verminderen.
3. Lobby actief voor het beheer van voedselveiligheid dat gebaseerd is op een juiste risicobeoordeling. Waarbij aangetoond wordt dat de maatregelen om risico’s in te dammen door regelgevende autoriteiten en toezichthouders gerechtvaardigd zijn teneinde de gevaren van STEC door kaasconsumptie effectief te minimaliseren.
4. Bevorder bij gebrek aan een goede risicobeoordeling een monitoringprogramma zoals dat nu in Zwitserland bestaat.
5. Geef prioriteit om een goede risico-batenanalyse van rauwmelkse producten door te voeren.

Hier gaat het BBZ-bestuur dan ook zeker mee aan de slag.

Reacties zijn gesloten.