Bericht van de BBZ-voorzitter

Als melkveehouders moeten we ons er bewust van zijn dat we een kwetsbare grondstof produceren. Melk is immers maar zeer beperkt houdbaar. Hier hebben we natuurlijk al lang wat op gevonden: we maken bijvoorbeeld kaas, zodat de melk zeer lang houdbaar blijft, totdat je pakhuis vol ligt met kaas.
Wij als kaasmakers horen heel verschillende berichten en geruchten over de afzet van kaas. Terwijl de hele zuivelhandel muurvast zit qua prijsvorming, zijn er ook kaasboeren die erg makkelijk hun kaas af kunnen zetten. Deze boeren maken wat een ander niet maakt. Ik praat dan over kaasspecialiteiten of gewoon een prima kwaliteit.
Er zijn geruchten dat alle kaasplanken uitverkocht zijn, maar als ik dan de telefoon pak en een willekeurig bedrijf bel met de vraag of ze planken kunnen leveren, kan ik zomaar een trailer bestellen en de planken morgen thuis hebben. Met geruchten kan ik niets,  en vooral als je wilt besturen, zijn geruchten ook erg gevaarlijk.

We horen al geruime tijd dat er een voldoende voorraad kaas in de pakhuizen ligt en daarom is de handel erg voorzichtig met inkoop van kaas, waardoor de notering wederom met een dubbeltje is gezakt: een zeer slechte zaak! Het is toch niet te verklaren dat alleen in de agrarische handel de prijzen naar beneden kukelen, terwijl de kosten alleen maar stijgen? In andere sectoren wordt zo’n prijsdaling gewoon doorberekend in de verkoopprijs. De kaashandel moet gewoon beter zijn best doen om te verkopen en nu niet het verkeerd ingeschatte beeld van eerder ingekochte kaas nogmaals gaan verrekenen ten koste van de boer.
Waar is de tijd gebleven dat er nog een heuse veemarkt en kaasmarkt waren? Moet die tijd weer terugkomen? Was wel gezellig. Je sprak de handelaren, je kwam andere producenten tegen en je had feeling bij de verkoop van je handel.
Nee, er is geen markt meer, daar heeft de huidige boerenstand ook helemaal geen tijd meer voor. We besteden onze tijd liever aan nog meer produceren in plaats van dat we ons bekommeren over de afzet, en dat vind ik dan weer een heel slechte zaak. Het is zelfs zo erg dat we vanuit de bond bijna mensen moeten smeken om in de noteringscommissie plaats te nemen; we moeten niet denken dat kaasboeren elke vier weken zomaar een ochtend tijd hebben om daar te gaan zitten … Dit doet de huidige commissie wel! Die zet zich voor 100 procent in om een goede prijs neer te zetten: vier kaasboeren tegenover vier handelaren.
Natuurlijk zijn we niet blij dat de prijs zakt, maar misschien is het wel weer een teken aan de wand, een soort pas op de plaats: we kunnen met zijn allen wel door blijven produceren, maar dan blijft de prijs beneden het gewilde peil.

Nogmaals, als de handel beter zijn best doet en de kaasboer dát gaat produceren waar vraag naar is, moet er weer evenwicht komen in de prijsnotering. En de consument? Die hoor je niet, die is echt bereid om een eerlijke prijs te betalen voor een lekker stuk kaas gemaakt op de boerderij.

Theo Dekker, plv. voorzitter Bond van Boerderij-Zuivelbereiders

Reacties zijn gesloten.